Hoop temidden van de Covid-19 pandemie

15 mei 2020

Hoop temidden van de Covid-19 pandemie

De Covid-19 pandemie treft onze samenlevingen hard. Artsen, epidemiologen, politici, alsook gewone burgers proberen er zo goed mogelijk mee om te gaan. Vanuit het Institute of Leadership and Social Ethics willen we op bescheiden wijze aan deze inspanningen bijdragen, specifiek vanuit ons onderzoeksproject ‘Hoop als drijfveer’.

Het is opmerkelijk om te zien hoe wijdverbreid het gebruik van ‘hoop’-taal is, in het maatschappelijke discours over de pandemie. Dat is begrijpelijk, want hoop is bij uitstek een crisis-emotie – het is juist als we nood, onvolledigheid of gebrek ervaren dat we beginnen te hopen op verbetering. In ons onderzoek hebben we een aantal hoopmechanismen ontdekt, die relevant zijn in de context van deze crisis.

Ten eerste variëren aspiraties: hoop kan passief zijn (zoals de hoop dat het morgen niet zal regenen), of actief. Een passieve vorm van hoop kan leiden tot gelatenheid, terwijl een actieve vorm van hoop ons juist aan kan zetten tot actie. Deze actieve vorm van hoop zien we heden ten dage bijvoorbeeld bij het medisch personeel dat zich maximaal inzet voor de zorg voor de mensen die besmet zijn met het coronavirus – ze worden daartoe gemotiveerd door de hoop dat we zo weinig mogelijk mensen te verliezen door het virus.

Ten tweede is het belangrijk in te zien dat hoop meer is dan alleen een individuele drijfveer; het is ook een sociaal fenomeen. Met behulp van de door ons ontwikkelde hoopbarometer hebben we aan dit inzicht bijgedragen. Ons onderzoek laat zien dat er een correlatie bestaat tussen sociale verbondenheid en hoop: mensen met meer sociale relaties zijn hoopvoller dan mensen met minder sociale contacten. Het gaat hierbij om vicieuze cirkels: hoe minder vrienden je hebt, hoe minder hoopvol je bent, waardoor je minder snel probeert nieuwe vrienden te maken – terwijl als je meer vrienden hebt, je hoopvoller bent, wat je weer stimuleert om nieuwe vriendschappen aan te gaan.

Juist in dat licht is de huidige Covid-19 pandemie zo gevaarlijk: we worden aangemoedigd om onze interacties met anderen te beperken. Hoewel dat een verstandige richtlijn is, heeft een beperking van de fysieke nabijheid van anderen een negatief effect op de kracht van ons sociale immuunsysteem. Juist de meest kwetsbare en eenzame mensen lopen hierdoor het risico om buiten de boot te vallen.

Mede daarom is het belangrijk te blijven zoeken naar manieren om zorg te tonen aan de meest hulpbehoevenden in de samenleving. Ook in die zoektocht speelt ‘hoop’ een belangrijke rol – en dat brengt me bij het derde inzicht. Hoop is de kunst om ambitieuze maar haalbare doelen te formuleren, alsook het vermogen om verschillende manieren te onderscheiden om deze doelen te bereiken. Het vraagt in het bijzonder om het vermogen om een bepaalde methode op te geven, als die ons niet tot het doel brengt, alsook om creativiteit om dan een nieuwe methode te vinden. Deze creativiteit blijkt uit initiatieven om met ouderen in rusthuizen te videobellen, bijvoorbeeld, in plaats van fysieke bezoeken.

Er valt meer te zeggen over het belang van ‘hoop’ in het licht van de Covid-19 pandemie; dit is slechts een bescheiden aanzet. Op onze projectwebsite gaan we de komende tijd meer van die inzichten te formuleren. Op die manier trachten we positief bij te dragen aan een hoopvollere, veerkrachtigere samenleving, juist in deze moeilijke tijd.

Steven C. van den Heuvel is docent Systematische Theologie aan de ETF en leider van het project ‘Hoop als drijfveer’, hetgeen wordt gefinancierd door de Goldschmeding Foundation.

Summer Colloquium '20

Summer Colloquium '20

Het Summer Colloquium is een internationale studieweek met colleges, workshops en tijd voor ontmoeting en reflectie en vormt een verplicht onderdeel van ETF...

Lees meer